Nut en Noodzaak

Bij een verkeersknooppunt waar twee autowegen samenkomen zijn er vier richtingen. Voor een volledig knooppunt moeten vanuit deze vier richtingen telkens drie bewegingen mogelijk zijn: rechtdoor, rechtsaf en linksaf. In totaal dienen er dus twaalf relaties aanwezig te zijn in het knooppunt.

De doorstroming van de wegen dient niet doorbroken te worden, omdat het verkeer een hoge snelheid heeft. Een gelijkvloerse kruising met stoplichten is vanwege filevorming en ongevallen zodoende geen goede oplossing.

Vandaar dat bij knooppunten gekozen wordt voor het scheiden van de hoofdrijbanen in hoogte door een brug. Hiermee is het probleem voor de vier bewegingen rechtdoor opgelost.

Voor de vier bewegingen rechtsaf worden verbindingsbogen aangelegd: wegen waar men op in- en uitvoegt, die een boog van 90° naar rechts maken.

De bewegingen linksaf vormen een probleem omdat de hoofdrijbaan in de weg ligt. Voor deze relaties zijn een serie aan vormen bedacht, die later aan bod komt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *